Categoriearchief: rondom Sepanjang

Chinees nieuwjaar 2019

5 februari was het chinees nieuwjaar. Wij, kinderen Tan, kregen dan altijd van pa Hong geld in een rood zakje en mooie wensen in karakters op rood papier. En we maakten voor pa Hong een mooie kaart met alle mogelijke artistieke varianten van ‘Hok Lok Sioe’. Dat betekende voor ons gelukkig nieuwjaar.

Is Sepanjang, het ouderlijk huis van pa Hong wordt ieder jaar dit lentefeest gevierd met een rijk gedekt huisaltaar. Eerst wordt er gebeden en daarna wordt er feest gevierd o.a. met het opeten van de rijke dis.

het altaar in Sepanjang
een rijk gevulde dis
de rode wijn is erg rood omdat het limonade is, geen alcohol

Oom Tik

De jongste broer van pa Hong. Ze scheelden ruim een jaar in leeftijd. Pa Hong vertelde altijd met veel plezier over de stoute streken van oom Tik. Deze twee broers trokken veel met elkaar op. Hun oudste broer: oom Liong was een onbereikbare grote, sterke broer.

Jarenlang was er geen contact tussen de familie in Indonesia en ons hier in Nederland. Tot Enghwa en Flora (zijn eerste vrouw die later is overleden) in juni 1974 voorgoed naar Nederland kwam. Door hem werden de rimpels in de relatie tussen de families glad gestreken. Van Enghwa kreeg ik het postadres van oom Tik en vanaf dat moment heb ik met hem gecorrespondeerd tot hij overleed.

In 1978 gingen Lanny en ik samen naar Indonesia. Een bezoek aan de familie in Sepanjang hoorde daar natuurlijk bij. Wij hadden daar eigenlijk geen verwachtingen van. Wij kenden ze helemaal niet. Het werd een feest van herkenning. Zoveel trekken van pa Hong zagen we terug in zijn zussen en broers. Met name oom Tik. Hij leek zo sterk op pa Hong in het soort grappen die hij maakte, wat hij lekker vond, de dingen die hij deed (klagen over de muisjes en tegelijkertijd ook stukjes kaas voor ze neerleggen bijvoorbeeld). Hij woonde in Semarang (Jalan Kepodang 49) in een ruimte achter zijn bureau. Hij was baas van Lau Tjien in Semarang, denken wij. Wij logeerden ook in diezelfde ruimte. We bleven er een paar dagen, waarin we gefêteerd werden door de hele familie. En met name toen we oom Tik achter lieten, was het net alsof we onze vader daar achter lieten. Met een grote brok in mijn keel namen we afscheid. Zo vreselijk jammer dat hij zo ver weg woonde. Ik ben nog maar een keer terug geweest naar hem, samen met Frans. Weer dezelfde hartelijkheid en herkenning. In de jaren daarna wilde ik graag nog eens hem zien, maar hij was ondertussen met pensioen en verhuisd naar Surabaya en schreef: ‘als jij weer naar Indonesia komt, moet je maar langsgaan’. Hij wilde ons niet meer zien, nu zijn zelfstandige tijd voorbij was.

Bing en oom Tik, 1979
Anki en oom Tik 1978

Jaaaaa, dat heb ik ook nog, een foto met oom Tik, van een jaar eerder. We gingen met hem naar de vogeltjesmarkt omdat Lanny zo’n kooi mee naar huis wilde nemen.

nog meer over de familie Oei

De broer van op Tan Ban Bie (Tan Ban Siang) is getrouwd met Ong Tian Nio En een van hun dochters is getrouwd met een Oei. Zo zijn we dus aan elkaar verwant geraakt. Vroeger kwamen de kinderen Oei vaak bij ons logeren of op bezoek. Hun broer Wil woonde in Maastricht en bij zijn gezin kwamen wij ook.

Nu na zoveel jaren heb ik Wil gebeld om te vragen of hij nog iets weet over de afkomst van zijn schoonfamilie. Hij wist nix meer over hen, maar hij vertelde over de afkomst van de familie Oei.

De vader van Tan Ban Siang had in China een bedrijf dat zeewaardige (houten) boten maakte: jonks. De naam van het bedrijf heb ik niet goed begrepen, iets van Congsie San Bie???Hij had drie zonen, die alledrie een jonk kregen. De jongste zoon voelde zich een echte ontdekkingsreiziger en voer met zijn jonk naar Indië waar hij kennis maakte met de familie Ong. Een van hun dochters (die dus Oei heten) trouwde met Tan Tjiat Nio

Wil veronderstelde dat zijn jongere broer Otto (wij kenden hem als Lok, wat wij erg leuk vonden omdat onze oudste zus immers ook Lok heet), zich meer met de familie afkomst had bezig gehouden.

Nou heb ik Otto net gebeld. Hij verwijst naar zijn zus Trees. Hij gaat contact leggen via zoon Anton. Ben erg benieuwd wat we te weten komen!

Onze overgrootmoeders definitief!

Overgrootvader Tan Kie Djwan met zijn echtgenotes. links onze overgrootmoeder Thio.

Veel verwarring, maar we denken dat het zo is gegaan. Tjoa is de rechter dame en de eerste vrouw in Ned. Indië van Tan Kie Djwan. Zij was de dochter van  koopman Tjoa die wel een goede echtgenoot zag in onze overgrootvader  voor zijn dochter. Samen kregen zij geen kinderen.
Daarna kwam de vrouw links in beeld: Thio. Zij is de moeder van onze opa Tan Ban Bie. Onze neef Enghwa heeft goede herinneringen aan haar. Lees hierover in dit bericht.

Of Tjoa, de eerste vrouw van Tan Kie Djwan nu overleden is of niet, speelt niet bij de vraag wie onze overgrootmoeder is. Dat is de vrouw links. En het zijn geen zusjes (ze hebben immers een verschillende naam), maar we veronderstellen dat er wel een familieband is, dus wij gaan voor nichtjes. Dat is ook al eerder genoemd. Kortom Lokje lijkt toch op haar overgrootmoeder.

Onze overgrootmoeders

Deze foto hebben we al vaker laten zien. Maar nu heeft onze neef Enghwa het volgende verteld:
de  vrouw rechts is de eerste vrouw van onze overgrootvader Tan Kie Djwan in Indië en de moeder van onze opa. Haar familienaam is Tjoa. De vrouw links is haar zus met wie onze overgrootvader verder leefde na de dood van zijn vrouw en zij werd gezien als oma, eigenlijk overgrootmoeder. De ‘echte’ overgrootmoeder was al dood. Onze neef Enghwa heeft de vrouw links nog gekend als ‘een hele lieve oma’. Hij was toen een jaar of 8. Dat moet rond 1940/1942 zijn geweest. Nou is de vraag of de twee vrouwen zussen zijn of nichten, zoals wij eerder vermeldden op de pagina ‘Leven in Indië’. En ook dachten wij daar nog dat de vrouw links onze overgrootmoeder was, dat o.a. Lokje op haar leek….Lees het maar terug via de link hierboven.

We hopen hier nog uitsluitsel over te krijgen.

familieverhalen: oom Tik

Neef Enghwa herinnert zich verhalen over oom Tik, toen pa Hong al lang naar Nederland was vertrokken. Oom Tik was de oom met wie hij veel optrok en die toen ook in Sepanjang woonde. Toen Enghwa drie jaar lang niet naar school mocht tijdens de Japanse bezetting (1942-1945), gaf oom Tik hem les in allerlei vakken.

Oom Tik had in de Japanse tijd zijn pistool (een FN?) en zijn DKW (motor) minutieus uit elkaar gehaald, ingevet, ingepakt en daarna heel goed begraven. Na de bezetting heeft hij beide weer in elkaar gezet en ze werkten weer. Enghwa ging als mannetje van een jaar of 13 rijden met oom Tik op de DKW. Hij aan het stuur en oom Tik achterop. Natuurlijk werden ze aangehouden. De politieman vroeg naar het rijbewijs van Enghwa, terwijl oom Tik en hij dat maar raar vonden omdat hij overduidelijk nog te jong was. Affijn, hij mocht natuurlijk niet verder rijden en ze wisselden dus van plaats.
Enghwa heeft mooie herinneringen aan oom Tik en ook aan zijn DKW (Das Kleine Wunder/Des Knaben Wunsch)

DKW E250 (245 cc tweetakt) uit 1927: Wikipedia

en het FN-pistool (afkomstig uit de fabriekshallen op het hoog omheinde complex van FN middenin het Luikse plaatsje Herstal). 

 

Mulan Setija gestorven

Mulan vormde een link met het verleden van pa Hong. Bing kwam haar tegen als gastvrouw in het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis. Eerst in verschillende mails en daarna ‘live’ hebben wij Mulan ontmoet. Een tante van haar was getrouwd met een oom van ons! In dit bericht kun je er meer over lezen.

Stom stom stom, wij wilden haar graag  nog eens opzoeken, nog meer verhalen horen en daarnaast was Mulan gewoon een ontzettend aardige vrouw, die positief in het leven stond.

En nu opeens haar overlijdensbericht: ‘geheel onverwacht heengegaan’.

Rust zacht, Mulan. Sterkte familie. Wat zullen jullie haar missen.

opleiding broers en zussen pa Hong

Geen idee of ik het al eerder heb gemeld, maar volgens Lian (dochter oudste zus pa Hong: Phine) hebben zij de volgende opleidingen gevolgd:
‘papi (pa Hong) hbs
mama (tante Phine) en tante cor: buijs
tante djoen en tange sioe chinese school spd
oom kian liong en oom tik handelschool.
waar de scholen weet ik niet alleen dat buijs ligt op aloon2 tjontong. op de hbs zijn alleen rijke chinesen of gelijk gestelden.’

Pa Hong was dus duidelijk het buitenbeentje. Alleen hij is naar de HBS gegaan. Omdat zijn oma en moeder dol op hem waren? Hij de enige (van de jongens, de meisjes zal dat wel niet gevraagd zijn) was die wilde leren? We zullen het nooit weten.

HBS-tijd

Zoals gewoonlijk is de hulp van anderen onontbeerlijk bij het ontdekken van informatie. Han Go blijkt daar iedere keer weer een belangrijke bijdrage aan te leveren. Dank Han!

Han heeft twee klassefoto’s uit de tijd van pa Hong gevonden in het boek waarover ik in het bericht hiervoor sprak. Helaas staat pa Hong er zelf niet op.

HBS 1925-1926 met de vader van Han Go en de vader van Boelli.

Het krantenbericht uit 1925

Eindexamenklas 1926. Toen deed pa Hong ook eindexamen

Jammer dat pa Hong er niet op staat. Blijkbaar zijn er parallel klassen en is niet van iedere klas een foto gemaakt?

Als we nu het krantenartikel erbij halen waarin staat dat pa Hong geslaagd is voor zijn eindexamen, dan zien we veel minder namen en dat er alleen staat dat dit groep e is. Op de foto staat klasse 5A, weer iets anders dan groep e. Snappen jullie het?

krantenbericht 01-06-1926

Kenmerkende achtergrond van de klassefoto’s zijn de puntige doorgangsbogen. Die zijn ook op de foto’s te zien.

Han Go leverde deze tekst erover aan
Ik kan begrijpen dat je het moeilijk vindt. In 1875 werd de HBS gevestigd in een huis aan de Aloon2 Tjontong. In 1881 verhuisde de HBS naar een voormalig Regentswoning. Deze stond op de plek waar nu dat oude PTT kantoor staat at wij destijds bezocht hebben. Instituut Buys is destijds ingetrokken in de voormalige HBS aan de Aloon2 Tjontong.

De oude Regentswoning was waarschijnlijk op den duur te klein geworden en er is een bijgebouwd. Uiteindelijk was dat ook niet genoeg en er is een filiaal geopend in 1921 aan het Misigitsplein met hierin de twee laagste klassen. Misschien heeft jouw pa daar ook gezeten.

Uiteindelijk is in 1923 de HBS overgegaan naar een groter nieuw gebouw op Ketabang. Dat is het grote gebouw waar jij het steeds over hebt.Er wordt ook nog gesproken over een filiaal in de Baritostraat maar hiervan is mij ook niet duidelijk vanaf wanneer en tot wanneer dat bestaan heeft.

Kortom het zal een beetje onduidelijk blijven waar jouw pa en uiteindelijk ook mijn vader gezeten hebben, maar als ik moet gokken heeft jouw pa waarschijnlijk eerst in het filiaal aan de Misigitsplein gezeten en daarna de laatste jaren in het nieuwe HBS gebouw.

Kijk, hieronder volgen nog twee foto’s van de HBS met Joes en Lanny in de banken. Dit moet geweest zijn in het jaar dat we naar Indonesia gingen om Bing bij te staan bij het aanvaarden van zijn professoraat. In 2007?

Instituut Buijs en HBS

Instituut Buijs is de meest genoemde school door de familie in Indonesia. De vraag doemt dan op: zijn die twee soms hetzelfde?

Han Go stuit af en toe op informatie over instituut Buijs en de HBS. Zoals deze drie advertenties:

bericht uit de krant van 26-06-1895

Er staat: ‘Van de 14 jongeren van Het Instituut Buijs Vereeniging Jongensschool, die met toestemming van ondergeteekende aan het ADMISSIE-EXAMEN voor de HBS hebben deelgenomen, zijn de volgende 12 geslaagd:….’

advertentie uit de krant van 26-06-1895

advertentie uit de krant van 04-03-1903

Uit de de eerste twee advertenties spreekt duidelijk wat het instituut doet: Jongens en meisjes tussen de 5 en 16 jaar voorbereiden op het admissie examen voor de HBS. Instituut Buijs was een dure privéschool.

Bob Hering, pg 4

Dit zegt Siauw Giok Tjhan,  erover:
‘As soon as grandfather had left, father quickly moved me to the Buys Instituut, an expensive private school for Dutch and non-Dutch children.’

Instituut Buijs als voorbereiding op de HBA klopt wel met de data van Pa Hong’s overgangsjaren op de HBS. in mei 1923 ging pa Hong over van 2 naar 3 HBS. Hij was toen 16 jaar, 17 bij de overgang van 3 naar 4, 18 bij de overgang van 4 naar 5 en 19 bij zijn eindexamen in mei 1926. In september 1927 is hij in Nederland aangekomen, 20 jaar oud. Daartussen zat dus de artsenschool waarvan hij vond dat hij er nix nieuws leerde. Maar zouden die arme kinderen zo lang op een soort van lagere school hebben gezeten? Wie kan ons dat vertellen?

Han Go ontdekte ook nog het volgende:
‘Ik ben toevallig weer iets wijzer geworden over het instituut Buys en heb zelfs een foto gevonden.

Ik kreeg onlangs een jubileumboek over de HBS Soerabaia 1875-1975 in handen en vond in de inleiding allerlei gegevens over het ontstaan van de HBS en de jaren erna. Het instituut Buys is ingetrokken in het eerste gebouw van de HBS aan de Alun2 Tjontong (= Driehoekvormig plein).

Vervolgens vond ik nog een uitgebreid boek van von Faber over Soerabaia. Dit heb ik gedownload en in de 8e afdeling hoofdstuk 4 9de pagina’s 34-37 van de .pdf of 269-272 van het boek staat een stuk over de HBS. Hier kan je een foto vinden van het instituut Buys.’

Deze boeken moet ik nog even goed doorlezen. Het is voor mij nog moeilijk in te passen in de informatie die ik van de familie heb en ook hoe de gebouwen lagen/liggen in Soerabaya. Hier kom ik dus op terug!