filmpjes pa Hong

Nu in Frankrijk de tijd genomen om de filmpjes in een excel sheet te zetten met de informatie die pa Hong zelf heeft aangetekend. Soms staat er ook nix op, dan ofwel een stempel datum genomen, het adres: Wilhelminasingel 107 of 93, of de uiterste datum waarop de film ontwikkeld moet zijn. Het zijn vnl. films van verjaardagen, communies, Kerstmis, carnaval en vakanties. Of ook ‘Bing leert lopen’. De titel ‘verjaardag Anki’ heeft duidelijk plaats gemaakt voor St Nicolaas, want die komt ook vaak voor. Het oudste filmpje tot nu toe is uit 1949. Huwelijk Paula en Her is ook vastgelegd. Dus pa Hong kon het wel. We denken hierbij aan het huwelijk van oom Kees en tante Maria, waarvan de film mislukte :).

De filmpjes nu in een plastic box opgeslagen in de hoop dat iemand ze gaat digitaliseren. O ja, het filmpje met als titel: ‘opening kliniek’ meegenomen om te bekijken. Benieuwd of het over de Mariastraat gaat.

Azillanet, mei 2018.

voorvaderlijke tempel in Guangzhou

Dankzij Xi, de vrouw van onze neef Enghwa weten we dat in de plaats Guangzhou (in het westen beter bekend als Kanton) een voorvaderlijke tempel staat van onze familielijn. De Tan/Chen/Chan temple. Volgens Xi komt ons karakter Tan komt overeen met het Chen/Chan van de tempel. Een van onze voorvaderen (dus niet de stamvader) heeft de tempel laten bouwen. Guangzhou is de hoofdstad van de provincie Guangdong en heeft bijna 14 miljoen inwoners. Toch even iets anders dan het dorp Shan Hou van Fiona Tan.

‘Onze’ tempel is een toeristische attractie. Er zijn ook veel filmpjes te vinden op internet. Ik heb er eentje van Costitravel uit 2014 uit gekozen die laat zien hoe de tempel eruit ziet.

Hier volgt een deel van de beschrijving van de tempel:
‘In deze herdenkingstempel brachten vroeger leden van de Chen-clan offers aan hun voorvaderen en hielden zij clan activiteiten. In het klassieke China waren voorvaderen en afstammelingen op elkaar aangewezen: de deugdzaamheid van een vroegere generatie leverde voorbeelden en een goede reputatie voor latere generaties. De voorvaderen moesten in ere worden gehouden. Vooral in Zuid-China was het gebruikelijk om stenen tabletten, met daarin gegraveerd de namen van gerespecteerde clanleden gegraveerd, op altaren in een tempel te plaatsen. Bij speciale gelegenheden en festivals werden herdenkingsceremonieën gehouden. De tempel van de Chen-clan diende ook als school voor jonge clanleden. De tempel is gebouwd tussen 1890-1895 met fondsen van de clan. met het verval van de Chen [??: at] werd de tempel verwaarloosd totdat de regering in 1958 een grote som geld uittrok voor renovatie. Tijdens de Culturele Revolutie heeft het leger hier zijn bivak opgeslagen, als gevolg waarvan de tempel weinig te lijden heeft gehad van deze periode. …De tempel is gebouwd in de traditionele  stijl rond een binnenplaats en is een prachtig voorbeeld van laat 19e eeuwse architectuur. Hert complex beslaat een gebied van 10.000 m2 en bestaat uit negen zalen en zes binnenplaatsen die door drie gangen met elkaar verbonden zijn. De belangrijkste gebouwen liggen langs een centrale as en omvatten de toegangspoort, een scherm direct achter de poort om kwade geesten te weren en een hoofdzaal waarvoor zich een terras bevindt. Aan beide zijden van deze zaal zijn gangen die naar de zijkanten leiden. Hierdoor lijken de binnenplaatsen groot en creëren zij een gevoel van ruimte. Alle gebouwen zijn gesierd met kunstzinnig gegraveerde stenen, kleisculpturen en ijzerwerk. Vooral de figuren op de geglazuurde daktegelranden zijn fraai. ‘ 
uit: China: handboek voor reizigers van Harry Floor en Kees van Galen, 1990:179.

oude boeken pa Hong

In de loop der jaren heb ik een aantal boeken van pa Hong verzameld. Over Leidse wetenschappers, over filosofen en fotografie. Maar op een gegeven moment is het te veel en wordt het tijd om de boeken een mooie bestemming te geven. Net zoals gelukt is voor het boekje: ‘student worden’.

De volgende vier boeken heb ik naar de universiteitsbibliotheek Leiden gestuurd met de vraag of zij er iets aan hebben. Dit is hun antwoord:

‘Hartelijk dank voor de boeken die u ons stuurde. Een tweetal daarvan hebben wij nog niet in onze collectie (Schopenhauer, Samtliche Werke 3 ; Hagemann, Metaphysik). Deze stuur ik door naar de afdeling acquisitie om te worden opgenomen in onze collectie. De overige twee boeken over Bolland hebben wij al en zet ik in de zogeheten 1-eurokast, waaruit de wetenschappelijke staf en studenten overgebleven boeken kunnen halen.
 
Met vriendelijke groet,
 Susanne van Rijn
Vakreferent UBL’
Mooi dat ze bij de Leidse universiteit, de alma mater van pa Hong een plek hebben gekregen.

Student worden 1931

voorkant boekje
Titelpagina
De alom bekende handtekening van pa Hong

Pa Hong bezat in zijn studententijd dit boekje ‘Student worden’, uitgegeven in 1931.
Voorin het boekje staat zijn naam met de datum: juni 1937.
Het boekje gaat over wat studenten moeten weten over studeren en hun studiehouding als zij in Leiden met hun studie beginnen. Het boekje was zijn tijd ver vooruit omdat ook wordt ingegaan op de relatie tussen wetenschap en maatschappij. Een hoofdstuk gaat zelfs volledig over meisjesstudenten.
Bijzonder aan het boekje is ook het voorwoord van de Leidse hoogleraar rechtswetenschap Cornelis van Vollenhoven, in 1916/17 Rector Magnificus van de universiteit.
Van Vollenhoven was vooral bekend om zijn werken over de adat-rechtssystemen van het toenmalige Nederlands-Indië.
In 1978 is aan de Universiteit Leiden het Van Vollenhoven Instituut opgericht waar onderzoek wordt gedaan naar recht in ontwikkelingslanden.

Bij een tweede afscheid van zijn werk heeft Frans (partner Anki) op suggestie van Anki het boekje aangeboden aan de huidige Rector Magnificus Carel Stolker.
Deze was, zelf ook rechtswetenschapper, zeer verguld met het boekje en beloofde dit op te nemen in de ‘bibliotheek van de Rectores Magnifici’, zodat ook toekomstige rectores hiervan kennis kunnen nemen.

Is dat nou geen mooie bestemming voor een stukje van de nalatenschap van pa Hong.

Guang Zhou

Wat weten wij toch verschrikkelijk weinig over onze Chinese achtergrond. De namen van plaatsen lijken in onze ogen erg veel op elkaar.

Shan Hou, Guang Zhou. Ik dacht dat het alleen een andere schrijfwijze was. En dat Fiona Tan’s voorouderlijk dorp ook ons dorp wellicht was. Steve Haryono boorde deze hoop eigenlijk al de grond in. Ik had beter moeten weten, want Xi (echtgenote van) en neef EngHwa zijn in Guang Zhou geweest en niet in Shan Hou wat ik eerst dacht of wat ik hoopte, Xi heeft ook de boeken ingezien en zij zegt dat het karakter van de familie Tan klopt met dat van ons. Zij heeft toentertijd geen foto’s gemaakt.

Guang Zhou op de kaart van China

Guang Zhou ligt in de provincie Guangdong, 1991

Fujian ligt  ten noorden hiervan. Wij dachten dat onze voorvader daar vandaan kwam, omdat de meeste Chinezen toentertijd daarvandaan naar Indië kwamen. Dat staat ook op de pagina Leven in Indië. Tsja, zullen we het ooit weten?

Een ding is wel duidelijk: het dorp van Fiona Tan is niet ‘ons’ dorp. Dat misverstand/die hoop is voorbij.

Shan Hou

Dit gaat over een  stukje uit de documentaire van Fiona Tan: ‘dat u in interessante tijden moge leven’, 1979. Zij komt in haar zoektocht naar haar ‘roots’ terecht in Shan Hou, een Chinees dorp waar al eeuwen lang de familie Tan vandaan komt. Tan is een nogal veel voorkomende naam, dus mijn vraag is en blijft: komen onze voorvaderen daar vandaan.  De documentaire van Fiona Tan is het enige dat wij nu hebben.

In een interview uit 1999 zegt Fiona Tan hier zelf over:
‘Het merendeel van haar naamgenoten (Tan) woont in Shan Hou, letterlijk: ‘Achter de Berg’, in de binnenlanden van Zuid China. Daar staat een vierhonderd jaar oude tempel, gewijd aan de Tan’s. Iedereen in Shan Hou heet Tan, maar Fiona lijkt niet op hen en heeft trouwens ook een tolk nodig om zich verstaanbaar te maken. De ontvangst in dit oord van verre voorouders, vastgelegd in de documentaire Dat u in interessante tijden moge leven, is het hoogtepunt van haar zoektocht naar het wezen van Chinezen in den vreemde: mensen zoals zij. Tan is het kind van een Chinees-Indonesische vader en een Schots-Australische moeder. In Shan Hou wordt ze als verloren dochter omarmd. Wijze mannen openen een imposant boek en leggen hun stamboom uit – eeuwen in karakters geschilderd.’
(Uit: mijn tong is niet mijn beste vriend over Fiona Tan, geschreven door Wilma Sütö, Vk 15 april 1999)

Over de auteursrechten van de documentaire. Ik heb in het verleden en ook nu weer geprobeerd contact te krijgen met Fiona Tan, maar zij heeft mij nooit geantwoord. Ik ga er maar van uit dat zij geen bezwaar heeft tegen het tonen van een heel klein stukje uit haar documentaire van anderhalf uur die een paar jaar geleden is uitgezonden door de VPRO. Hopelijk is daar nog een link te vinden naar de gehele documentaire. Overigens wordt ook op You Tube geen enkele verwijzing naar auteursrechten gemaakt bij dit kleine stukje.

Hier dan het stuk over Shan Hou (4 minuten)

Nou heb ik Steve Haryono gevraagd wat hij ervan vindt. En dit is wat hij als deskundige zegt:
‘Moeilijk te zeggen. Zo veel Tan, en zo veel Tan’s dorpen ook. Dus het is zeker niet vast dat het jouw Tan is’.

Hiermee boort hij wel weer alle hoop dat we een stap verder zouden zijn gekomen, de grond in…

Maar we geven niet op
Nou heeft Bing gelukkig nog een vriend die het karakter van Tan in moderne typeletters kan schrijven. Zouden we hier niet verder mee kunnen komen?

 

 

nog meer over de familie Oei

De broer van op Tan Ban Bie (Tan Ban Siang) is getrouwd met Ong Tian Nio En een van hun dochters is getrouwd met een Oei. Zo zijn we dus aan elkaar verwant geraakt. Vroeger kwamen de kinderen Oei vaak bij ons logeren of op bezoek. Hun broer Wil woonde in Maastricht en bij zijn gezin kwamen wij ook.

Nu na zoveel jaren heb ik Wil gebeld om te vragen of hij nog iets weet over de afkomst van zijn schoonfamilie. Hij wist nix meer over hen, maar hij vertelde over de afkomst van de familie Oei.

De vader van Tan Ban Siang had in China een bedrijf dat zeewaardige (houten) boten maakte: jonks. De naam van het bedrijf heb ik niet goed begrepen, iets van Congsie San Bie???Hij had drie zonen, die alledrie een jonk kregen. De jongste zoon voelde zich een echte ontdekkingsreiziger en voer met zijn jonk naar Indië waar hij kennis maakte met de familie Ong. Een van hun dochters (die dus Oei heten) trouwde met Tan Tjiat Nio

Wil veronderstelde dat zijn jongere broer Otto (wij kenden hem als Lok, wat wij erg leuk vonden omdat onze oudste zus immers ook Lok heet), zich meer met de familie afkomst had bezig gehouden.

Nou heb ik Otto net gebeld. Hij verwijst naar zijn zus Trees. Hij gaat contact leggen via zoon Anton. Ben erg benieuwd wat we te weten komen!

ooievaartje van ma Ans definitief

Helaas helaas, ook het Florence Nightingale instituut weet nix over het ooievaartje van ma Ans.

Deze mail ontvingen we:

We hebben uw mail in goede orde ontvangen, waarvoor dank. U heeft een mooie pagina over uw moeder gemaakt, complimenten. Wat uw vraag betreft, kan ik u melden dat wij inderdaad regelmatig insignes ontvangen van overleden verplegers en verpleegsters. In alle gevallen staat daar dan bij van wie het insigne ooit geweest is. Meestal schrijft de familie de namen erbij, soms de notaris als er geen familie meer is. In het geval van uw moeder denk ik niet dat wij het insigne hebben ontvangen. Wij bestonden als Stichting in 1993 alleen nog op papier en hadden geen bekendheid als het ging om objecten verzamelen. Dat is pas sinds 2002 het geval. Ik vermoed dat u het insigne veel eerder dan 2002 opgestuurd heeft, dus dan is het niet naar ons geweest. Wij kunnen u dus helaas niet helpen.

Veel succes met uw zoektocht en mochten wij nog iets van uw moeder tegenkomen, dan zal ik u zeker informeren.

Met vriendelijke groet,

Nannie Wiegman
Directeur FNI.nl

Het zal ons niet gauw meer overkomen dat we iets ongedocumenteerd wegsturen……..Toch raar dat de organisatie naar wie ik het insigne heb opgestuurd daar nooit op gereageerd heeft!

Voor het Florence Nightingale instituut was er het Nationaal Museum voor de Verpleging en Verzorging (Het Witte Huis), Stationstraat 27, Zetten, tel 0488-473390, www.nmvv.nl. Daar zal ik het naar toe hebben gestuurd. Dit instituut is opgegaan in het Florence en bestaat nu helemaal niet meer (site werkt niet, telefoonnummer niet en adres is nu van een woonhuis). Tsja en ergens in de overgang hebben ze het ooievaartje van ma Ans kwijt gespeeld………..

De site van het Florence Nightingale Instituut biedt erg veel informatie over de verpleging vanaf het prille begin. Leuk om even rond te neuzen.

Op 26 november ontvingen we nog deze mail van de directeur van het Florence Nightingale instituut als antwoord op een paar nieuwe vragen. De antwoorden spreken voor zich:
-Gediplomeerden worden vanaf ca. 1995 in het BIG register ingeschreven, daarvoor in registers, die bijgehouden werden door de overheid.
-Het maken van zo’n nummerregistratie is veel werk. Wij zijn een niet-gesubsidieerde instelling en moeten dus prioriteiten stellen. Dit heeft nu niet de hoogste prioriteit.
-dat varieert. Meestal alleen een nummer, bijvoorbeeld 156856. Dus dat betreft dan het insigne van de 156856 ste geregistreerde verpleegster sinds 1921. Ook staat de maker van de insignes erop, de Koninklijke Begeer.
De afgelopen eeuw zijn er honderd duizenden verpleegsters geweest, die hun insigne hebben moeten terugsturen naar de overheid. Niet iedereen deed dat. Daarom kun je nog steeds insignes via marktplaats aangeboden zien. Mogelijk heeft de organisatie waar u het naar toe heeft gestuurd niet altijd een reactie teruggestuurd, dat zou onmogelijk geweest zijn gezien de hoeveelheid. Het was immers verplicht om het insigne terug te sturen, dus dat moet om enorme hoeveelheden zijn gegaan. Ze zouden dat vast wel gedaan hebben als u er specifiek om gevraagd zou hebben. Als wij nu insignes toegestuurd krijgen en we weten wie de schenker is, sturen wij altijd een schenkingsformulier en een pakje historische kaarten om het ook netjes af te ronden.

Ooievaartje van ma Ans

Beetje laat, maar toch aan het proberen te achterhalen waar ma Ans haar opleiding tot verpleegkundige met aantekening voor kraamverpleging (het ooievaartje) heeft gevolgd. Het ooievaartje is een speld die de verpleegkundige mocht dragen als ze haar aantekening had gehaald. In die tijd heel bijzonder. Het ooievaartje heb ik na de dood van ma Ans teruggestuurd, want dat moest, zo had ik gelezen. Er stond ook een registratienummer op.

Nu blijkt dat dat ooievaartje spoorloos is verdwenen. Raar toch.

Ik herinner me nog hoe dat insigne eruit zag: een groen kruis en een ooievaartje. Ik heb het altijd wel een mooi ding gevonden.

Nou ja, geen groen kruis, maar wel die groene letters eromheen. Het lijkt wel veelbelovend dat het insigne uit de collectie komt van het Florence Nightingale instituut.

Op 20 oktober ontvingen wij van de Stichting Historisch Verpleegkundig Bezit (SHVB) dit antwoord op onze mail met verzoek om informatie:

‘Voor het vinden van het registratienummer en meer informatie verwijs ik u naar V&VN. Dat is de beroepsvereniging van verpleegkundigen en verzorgenden.
Inmiddels heb ik uw webpagina bekeken, hartelijk dank dat u doorverwijst naar de website van SHVB.
In de collectie bevindt zich, naast de vele objecten, ook informatie over de geschiedenis van de opleiding.
Als u meer informatie heeft gekregen van V&VN over de tijd waarin uw moeder haar opleiding deed, kunnen wij gericht voor u zoeken.
U bent uiteraard van harte welkom om de collectie van SHVB te bezichtigen.
SHVB is geopend iedere 2e woensdag en 4e dinsdag van de maand, van 11.00 – 14.00 uur.

Met vriendelijke groet,
Jolieke Schroot, secretaris Stichting Historisch Verpleegkundig Bezit.’

We gaan verder met een mail naar de V&VN (beroepsvereniging van verpleegkundigen en verzorgenden). Hun antwoord op 7 november 2017:

‘Allereerst excuses voor de late beantwoording van uw vraag.
Wij hebben helaas geen gegevens van wie waar een opleiding heeft gevolgd.
Wellicht kunt u deze gegevens bij het DUO navragen.  Bij ons zijn deze gegevens niet bekend.
Weet u nog waar u haar insigne naar toegestuurd heeft? Wellicht kan het Florence Nightingale Instituut u verder helpen?
Misschien is het voor u nog te achterhalen waar uw moeder gewerkt heeft. Deze werkgevers zouden u misschien ook kunnen helpen met meer informatie.

Ik wens u veel succes toe met de zoektocht en hoop dat u antwoorden krijgt op uw vragen.

Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland
Churchilllaan 11, 3527 GV, Utrecht
Postbus 8212, 3503 RE, Utrecht
T. (030) 291 90 50′

Dat Florence Nightingale Instituut klinkt wel goed. Ook daar een  mail naar toe gestuurd zonder succes. Lees hun antwoord maar. Het DUO ken ik alleen als een organisatie die zich met studenten bezighoudt, nog niet zo oud ook. Maar dat is niet geheel terecht. Ze hebben ook een aparte afdeling :

Afdeling Diploma-erkenning en legalisatie
U kunt bij de afdeling diploma-erkenning en legalisatie terecht voor informatie over:
beroepserkenning;
onderwijsberoepen;
beroepen in de kinderopvang;
het gebruik en de legalisatie van een Nederlands diploma in het buitenland.
Telefoon: (050) 599 80 36
Openingstijden: maandag tot en met vrijdag van 10.00 tot 16.00 uur
E-mail: ks.dw@duo.nl.
Daar ook maar eens een mail naar toe gestuurd.

En dit is het antwoord van de afdeling Diploma-uitereiking op 27 november 2017:
Hartelijk dank voor jullie e-mail. Helaas hebben wij hier geen gegevens van. Ook wanneer ik zelf op ondezoek uit ga, kom ik terecht bij het V&VN. Maar via de website begreep ik dat jullie hier al contact mee hebben gehad.
Ik wens jullie ontzettend veel succes met jullie zoektocht.

Eigenlijk vind ik dit onvoldoende. Het was een registratie van de overheid. De plicht tot terugsturen was ook door de overheid ingesteld. En dan zijn nu duizenden ooievaartjes spoorloos verdwenen???

DUO voegt er op de 28e nog aan toeEen lastige situatie inderdaad. Het A-diploma is destijds uitgegeven door het
ministerie van Volksgezondheid en niet door het ministerie van Onderwijs.
Wellicht zou u daar verdere informatie kunnen inwinnen.

Nou dat gaan we dan maar doen!

overgrootvader Tan

Tan Kie Djwan kwam uit China. Hij kreeg twee zonen en een dochter. Over de dochter is helemaal nix meer bekend.

Tan Ban Bie werd onze grootvader en van hem weten we wel het een en ander, maar over zijn broer Tan Ban Siang nauwelijks iets. Maar is dat wel waar?
We hebben al eerder iets gezegd over de kinderen van Tan Ban Siang over de pagina: Leven in Indië

Om deze tekst gaat het:

Tan Ban Siang kreeg zes kinderen, vijf meisjes en een jongen die de generatienaam Kian kreeg: Tan Kian Tjiang (man rechts op de foto uit 1974) die in 1960 naar Formosa is geëmigreerd).  De tweede dochter van Tan Ban Siang (Tan Tjiat Nio) trouwde met  Oei Khoen Hian. Zo is onze relatie met de familie Oei tot stand gekomen. 

Afbeelding
Vanaf rechts Tan Kian Tjiang, mevrouw Oei Khoen Hian, Oei Thian Hok, Tioe Gwat Lioe, 1974.

Mevrouw Oei Khoen Hian, betekent de vrouw van. Zij heet Tan Tjiat Nio en is een van  de dochters van Tan Ban Siang. Zij is de moeder van o.a. Hok en Liang/Wil en Lok/Otto. Via die lijn zouden we toch nog wel iets te weten moeten kunnen komen en anders misschien toch nog via Huihan Lie en zijn My China roots bedrijf.

Ik ga erachteraan!

Pa Hong kwam op 20-jarige leeftijd naar Leiden om daar medicijnen te studeren. Hij verliet huis en haard in Indië. Hij overleed in 1998 (91 jr oud). Wat kunnen wij – zo lang na zijn dood – nog te weten komen over hem?